Rassenproeven vroege trek
In week 2 en in week 8 vonden op 4 lokaties in Nederland de rassenproeven vroege trek plaats. De proef werd in week 13 nog maals herhaald op een lokatie. De witlofwortels die alle van één perceel afkomstig waren werden getrokken bij diverse trekregimes. Bovendien waren alle rassen in tweevoud aanwezig, van een vroege zaai en van een late zaai. De bijeenkomsten werden geleid door Edward Kikkert (Chiconsult) en Ronnie de Hoon (Groeiservice)
Late zaai geeft betere resultaten
In alle gevallen zagen we bij de late zaai een strakkere en vitalere bak witlof. Dit onderschrijft de stelling dat witlof niet te vroeg gezaaid mag worden om een voldoende vitale pen te kunnen rooien.
Bij het extra vroege ras Désir was de slijtage bij de vroege zaai het meest zichtbaar met name in week 8 en 13. De rassen Atlas, Jadore en Hermès presteerden opvallend goed, De verschillen tussen de vroege en late zaai waren in week 2 nog vrij gering maar met name in week 13 waren ook bij deze rassen de positieve effecten van de late zaai zeer evident.
Positief effect calciumchloride
In de tweede proefronde in week 8 waren alle proeven gedompeld in calciumchloride, wat een enorm positief effect had op de kwaliteit en vitaliteit van het lof. De late zaai van de vroege rassen zag er nog prima uit, met topbakken bij Atlas, Jadore en Hermes.
Opvallend was verder de positieve werking van Borium op de gezondheid van de pit
Conclusies
De vroege Hoquet-rassen, met name Hermes, Jadore en Atlas geven zeer goede resultaten in de trekperiode januari-maart indien een aantal zaken in acht genomen worden:
- late zaai: na 1 juni
- wortels meteen invriezen
- dompelen in calciumchloride
- calciumchloride en borium over de koppen
- vlak trekregime
Een verslag van de rassenproeven is te vinden op groeiservice.nl


